Op 1 november is Vincent Pijnenburg gestart als directeur van het programmabureau van Stichting Samenwerking Zuid-Limburg. Het is een baan waar hij, naar eigen zeggen, veel energie van krijgt. “De combinatie van proces en inhoud vind ik heel interessant. Het opbouwen van een eigen organisatie, pionieren en samenwerking met allerlei stakeholders ligt mij goed.” Hij ziet groot potentieel in de (eu)regio. “Voorwaarde is dat we samen werken aan een heldere regiopropositie; een sterk verhaal dat inspireert en motiveert om samen op te trekken.”
Pijnenburg brengt een bijzondere combinatie van inhoudelijke kennis en ervaring mee. Hij promoveerde op grensoverstijgende samenwerking. Als lector Cross-Border Regional Development aan Fontys Hogescholen Venlo zette hij een grensoverstijgende onderzoeksagenda op en leidde een team waarin medewerkers uit Nederland, Duitsland en België intensief samenwerkten. Hij was daarnaast voorzitter van de Business Club Maas-Rhein, een grensoverstijgend triple-helix netwerk waarin ondernemers, overheid en onderwijs samenwerken. “Regionale samenwerking gaat om geven en nemen, waarbij de inhoudelijke regionale agenda leidend is. Dat betekent dus ook elkaar van tijd tot tijd wat gunnen”, aldus Pijnenburg.
Een nieuwe organisatie bouwen
De Stichting Samenwerking Zuid-Limburg (sSZL) is begin september opgericht door tien Zuid-Limburgse gemeenten. De stichting gaat meewerken aan de uitvoering van de agenda ‘Zuid-Limburg gaat over grenzen heen’, die zich richt op brede welvaart. Behalve groei van de regionale economie gaat het dan om behoud van landschap, leefbaarheid, talent, cultuur en kwaliteit van wonen. Pijnenburg heeft de opdracht om de samenwerking regionaal, nationaal en internationaal verder vorm te geven en de ambities in de agenda te concretiseren en samen met partners op te pakken. Pijnenburg: “De komende maanden staan in het teken van structuur aanbrengen, een geschikte locatie voor het programmabureau vinden en het team opbouwen. Daarnaast gaan we samen met de gemeenten bepalen wat de eerste stappen in de uitvoering van de agenda zullen zijn. Om die uitvoering goed te doen, moeten we afspraken maken over hoe we samenwerken. Welke overlegstructuur hebben we nodig? Wie doet wat, welke verantwoordelijkheid hoort waar?”
De kracht van Zuid-Limburg
Gevraagd naar de kracht van Zuid-Limburg noemt hij de combinatie van stad én landschap en de unieke ligging in het hart van Europa. “Zuid-Limburg heeft een identiteit die iedereen in Nederland meteen herkent: het heuvellandschap, als onderdeel van een stedelijke agglomeratie, en de cultuur, daarin zijn we echt onderscheidend. Daarnaast is het een euregionale regio, en dat is een kracht die we economisch en sociaal veel beter kunnen benutten.” Er is de afgelopen jaren veel gezegd en geschreven over het belang van grensoverstijgende samenwerking. Hoe kunnen we dit nu echt stimuleren? “Grensoverstijgend werken is inderdaad lang niet vanzelfsprekend”, bevestigt Pijnenburg. “Het vraagt om één gezamenlijke euregionale agenda, opgesteld door overheid, onderwijs en bedrijfsleven uit zowel Zuid-Limburg als de omringende regio’s. Daarbij is het van belang om sociaal-culturele aspecten niet te onderschatten. Als Limburgers staan we van oudsher relatief dicht bij onze buren. Tegelijk zijn de jongere generaties niet altijd bekend met de sociaal-culturele verschillen en gevoeligheden. Terwijl dat best nauw kan luisteren, zeker als je echt meters wilt maken. Een ander relevant aspect is uiteraard wet- en regelgeving.”
Naar één gezamenlijk regionaal verhaal
Volgens Pijnenburg is een van de grootste uitdagingen het ontwikkelen van een heldere propositie voor Zuid-Limburg. “De ingrediënten – Brightlands, Einstein Telescope, het onderwijs- en innovatielandschap, een divers mkb, goede infraverbindingen, het unieke landschap en de gunstige ligging – zijn er al. We moeten er alleen een sterk verbindend verhaal van maken waarin we allemaal geloven. Zo’n visie moeten we samen schrijven; lokale en regionale overheden, het bedrijfsleven, het onderwijs, kennisinstellingen en bestaande samenwerkingsverbanden, zoals bijvoorbeeld ESZL. Op basis van dat verhaal kunnen we met elkaar de prioriteiten bepalen, partners verbinden en de zichtbaarheid richting Den Haag en Brussel vergroten. Volgende stap is het commitment en actiebereidheid als dat gevraagd wordt.”
Regionaal ambassadeurschap
Pijnenburg gelooft sterk in de kracht van ‘samen’. “Zuid-Limburg kan alleen vooruit als we elkaars afhankelijkheden erkennen. Economie raakt wonen, wonen raakt landschap, landschap raakt toerisme, en onderwijs raakt alles. Dat vraagt om gezamenlijke verantwoordelijkheid en regionale ambassadeurschap. Als stichting zijn wij er om dat te faciliteren en richting te geven. Zuid-Limburg heeft alles in huis om grensoverstijgend te groeien en de welvaart van bewoners te vergroten. Het is een voorrecht om daaraan te mogen bijdragen.”

